Contact

Ruud Schuitemaker

Als onderdeel van de interviewserie van SchouderNetwerken Nederland hadden we deze keer het genoegen om Ruud Schuitemaker te interviewen.

  1. Kun je jezelf kort voorstellen?
    Wie ben je en wat is je expertise binnen de schouderzorg?
Mijn naam is Ruud Schuitemaker, fysiotherapeut/manueeltherapeut, auteur (samen met Dick Egmond) van Extremiteiten en wervelkolom (BSL Media & Learning). In 2025 kwam de volledig herziene en uitgebreide 13de druk uit. Naast het praktijkwerk in Amsterdam ( 1978-2024) was ik parttime docent op de SAFA en HVA (1981-1991) en docent op de SOMT (1991-2006). Daarna werd ik docent na- en bijscholing. Ik gaf tot de zomer van 2026 schoudercursussen voor Fysiolearning (deze scholingsorganisatie is in juli 2026 gestopt) en vanaf 2023 ook voor NIVS (Nederlands Instituut voor Scholing). Op 30 oktober 2026 geef ik een 1 daagse cursus ‘Frozen shoulder anno 2026’ en op 10, 11, 17 en 18 november 2026 een 4 daagse cursus ‘Egmond-Schuitemaker protocol bij schouderpijn anno 2026’ voor NIVS in Groningen. Ik maakte met Filip Struyf, Eric Vermeulen, Karin Hekman en Donald van den Burg deel uit van de expertgroep die de SNN-richtlijn frozen shoulder voor fysiotherapeuten in 2017 publiceerde. Sinds die tijd heb ik 22 cursussen in NL en 12 cursussen in België verzorgd over dit onderwerp en meegewerkt aan diverse studies.
  1. Wat heeft je ertoe gebracht om je te specialiseren in schouderklachten?
Als docent van de vakgroep Extremiteiten op de SOMT o.l.v. Ton Mink ben ik geïnspireerd geraakt en heb me gespecialiseerd in de schouder (en heup) en het onderzoeken en behandelen van mensen met schouderpijn. Met vakgroepcollega Jan Hermans ben ik in 2003 op de SOMT begonnen met het verzorgen van cursussen na- en bijscholing over de schouderregio. Met vakgroepcollega Hugo Hoeksma gaf ik toen op de SOMT ook na- en bijscholing over manuele therapie bij coxartrose en de heupregio. Het sparren met Gerard Koel, Paul van der Tas (mede oprichters van het eerste schoudernetwerk Twente: SNT in 2006) en later Karin Hekman was ook inspirerend. Dit leidde tot de oprichting van het tweede schoudernetwerk in Nederland in de regio Amsterdam (SNregioA, 2008) en later SchouderNetwerken Nederland.
  1. Als u terugkijkt op je carrière, wat had u graag eerder willen weten over schouderklachten?
Dat verreweg de meeste pijnprovocatietests geen validerende waarde hebben. Dat wil zeggen dat deze tests niet datgene kunnen bewijzen waarvoor ze ontwikkeld zijn. Er bestaat geen test die in staat is om 1 bepaalde structuur in de schouder aan te wijzen als oorzaak van de schouderpijn. Ze hebben – bij voldoende sensitiviteit – slechts excluderende waarde bij een negatieve uitkomst. Slechts de ‘apprehensiontest’ en ‘releasetest’ zijn pijnprovocatietests met validerende waarde. De ‘relocationtest’ is een reductietest en wordt uitgevoerd na de ‘apprehensiontest’ en vóór de ‘releasetest’ binnen het cluster van 3.
  1. Welk inzicht heeft je manier van kijken naar schouderklachten het meest veranderd?
1. De biomechanische relatie van de (cervicothoracale) wervelkolom en hoge ribben met de schouder. Tijdens mijn studie manuele therapie begin jaren tachtig vond ik het een openbaring dat na manipulatie van de hypomobiele CTO de armelevatie in veel gevallen spectaculair verbeterde
2. En de laatste jaren de veel belovende resultaten met neurodynamica bij nekgerelateerde schouderpijn, spiegeltherapie bij de extremiteiten en de FS in het bijzonder (zie druk 13 van Extremiteiten en wervelkolom) en kortgeleden de resultaten van virtual reality bij schouderinstabiliteit.
  1. Welke (hardnekkige) mythe over schouderklachten zou je graag uit de wereld helpen?
Dat wanneer een schouderpijn chronisch wordt en zeker als dat meerdere jaren duurt het nooit meer over kan gaan. Collega Beate Dejaco heeft met Virtual Reality verrassende resultaten geboekt op het gebied van schouderinstabiliteit. Het is volgens mij een veelbelovende richting waarin verder onderzoek nodig is naar de verklaringen en hoe we dit in de dagelijkse praktijk bij patiënten kunnen toepassen. Een VR-bril aan een patiënt mee naar huis geven om te oefenen met ‘appels plukken’ is (nog) niet echt een optie.
  1. Welke tip zou je geven aan fysiotherapeuten die net beginnen met het behandelen van schouderklachten?
Laat je inspireren door ervaren collega’s.
Vraag aan een schouderexpert of je mee naar zijn of haar praktijk mag komen met een patiënt waar je niet verder mee komt.
  1. Welke tip zou je juist geven aan ervaren collega’s?
1. Sta open voor verzoeken van enthousiaste (beginnende) collega’s die samen naar een patiënt willen kijken (zie vraag 6).
2. Vorm kleine schoudernetwerkjes met een paar collega’s waarmee je 1 tot 1,5 uur een patiënt met schouderpijn onderzoekt (en een behandelplan opstelt). Elke maand/om de 2 of 3 maanden brengt een collega een casus in. Biertje na afloop.
3. Volg na- en bijscholing op dit gebied van gedreven toppers als Ann Cools, Jeremy Lewis, Anju Jaggi en Jo Gibson.
  1. Is er een patiënt of casus die je nooit bent vergeten? En wilt je hier eventueel iets over delen of wat heeft u daarvan geleerd?
1.Een man van 72 met forse schouderpijn werd door de huisarts naar mij verwezen met de diagnose ‘frozen shoulder’ maar het patroon was atypisch/niet pluis (leeftijd, malaisebeeld, wisselende bevindingen tijdens bewegingsonderzoek…). Hij bleek prostaatkanker te hebben met metastasen in de humeruskop. Wees altijd op je hoede voor rode vlaggen/een ‘niet pluis’-verhaal, ook als de patiënt al door een arts is gescreend en verwezen.
2. Een 53 jarige patiënt met full thickness rotatorcuffschade wilde in 2004 (!) perse niet worden geopereerd (de chirurg was niet positief) en wilde alles doen wat nodig was in het conservatieve traject om weer te kunnen tennissen en (later) golfen. Hij had bij ons eerder goede ervaringen. Alle conservatieve opties werden benut gedurende het lange traject van 1 jaar met een optimaal resultaat. Zie casus 1.1 op pagina 39 van Extremiteiten en wervelkolom. Het onderzoek van Dunn et AL., 2016, Dickinson en Kuhn, 2023 en Kuhn et al., 2024 met de onderbouwing kwam pas veel later…
  1. Welke ontwikkeling binnen de schouderzorg vindt je het meest veelbelovend? Of: waar zou ons vakgebied de komende jaren volgens u naartoe moeten bewegen?
De introductie door Jeremy Lewis van de reductietests: the shoulder symptom modification procedure (SSMP). Dick Egmond en ik hebben zelf de ‘Combined reduction test’ ontwikkeld (in rug- en zijligging) en een complete serie reductietests waarmee alle mogelijke bewegingsrichtingen van de schouder kunnen worden getest op pijnreductie: de gedupliceerde circumductie- en deviatiebeweging, concentrisch en excentrisch uitgevoerd. Reductietests zijn positief bij minimaal 30% symptoomreductie. Positieve reductietests zijn zeer motiverend voor de patiënt en bepalen mede het oefenprogramma. Onderzoek van Dunn (2016) en vele belangrijke onderzoeken daarna wezen al uit dat er vertrouwen en dus veel uitleg nodig is om mensen met full-thickness rotatorcuffschade maandenlang tot een jaar te laten oefenen en weg te houden van (zeker bij ouderen vaak zinloos) operatief ingrijpen. De ‘relocationtest’ is – zoals al gezegd – ook een reductietest en wordt uitgevoerd na de ‘apprehensiontest’ en vóór de ‘releasetest’ binnen het cluster van 3. 2. Het onderzoek dient te worden gestimuleerd. Zie ook vraag 4 punt 2 (verder onderzoek naar neurodynamica, spiegeltherapie en virtual reality bij schouderpijn). Interessant voor het wetenschappelijk fysiotherapeutisch onderzoek is dat Intramed de door Dick Egmond en mij ontwikkelde diagnosecodegenerator heeft geïmplementeerd in hun fysio-EPD (zie mijn beide LinkedIn-posts van 3 augustus 2026). SchouderNetwerken Nederland was hierin een belangrijke stimulerende factor. In augustus 2026 is een pilot gestart met deze verbeterde DCSPH-codering. We coderen nu – naast de intact gebleven DCSPH code: a. De ‘contextprofielen’ met een 1, 2 of 3 (normaal beloop / afwijkend beloop zonder gele vlaggen / afwijkend beloop met gele vlaggen) b. De ‘diagnosegroepen’ (gewrichtsbeperking >2 richtingen / maximaal 1 richting beperkt en/of een pijnlijk bewegingstraject / geen beperking/geen pijnlijk bewegingstraject) c. De mate van reactiviteit (hoog / matig / laag) d. We kunnen nu ‘argumenten’ toevoegen. e. De frozen shoulder heeft daarbij nu voor het eerst een unieke DCSPH code!

Dank voor deze inzichten Ruud!

Geïnspireerd geraakt door Ruud zijn antwoorden?

Bij NIVS geeft Ruud de 1 daagse cursus Frozen Shoulder anno 2026 op vrijdag 30 oktober bij Van der Valk, Hoogkerk Groningen: https://nivs.opleidingsportaal.nl/aanbod/frozen-shoulder-door-ruud-schuitemaker

Op vrijdag 6 november 2026 geeft hij op de NIVS-FKN-dag een lezing van 1,5 uur over schouderpijn bij Van der Valk, Hoogkerk Groningen. Verder spreken Michiel Rood over de nek, Heleen Boven over duizeligheid en Ina Alberts over kaak-hoofdpijn. Ex topschaatser Irene Schouten sluit af.

Bij NIVS geeft hij de 4 daagse cursus Egmond-Schuitemaker protocol bij aspecifieke en mild specifieke schouderpijn anno 2026 op dinsdag/woensdag 10, 11, 17 en 18 november 2026 bij Van der Valk, Hoogkerk Groningen: https://nivs.opleidingsportaal.nl/aanbod/egmond-schuitemaker-protocol-bij-schouderpijn-anno-2026